Van de afgestudeerden met een baan heeft 41,4 procent anderhalf jaar na afstuderen een vaste aanstelling. Meer dan de helft (58,6 procent) heeft een tijdelijke aanstelling.
Het aandeel afgestudeerden met een tijdelijke aanstelling zonder uitzicht op een vast dienstverband is gestegen ten opzichte van de vorige meting. Dit aandeel ligt daarmee weer op het niveau van 2021.
Het mediane bruto-uurloon is berekend op basis van het door respondenten opgegeven brutomaandsalaris en het aantal uren dat zij werken in hun reguliere baan. De cijfers hebben betrekking op afgestudeerden die anderhalf jaar na afstuderen een baan hebben en behoren tot de werkzame beroepsbevolking.
Tot de werkzame beroepsbevolking behoren respondenten tot en met 65 jaar die minimaal twaalf uur per week betaald werk verrichten. Tot de werkloze beroepsbevolking behoren afgestudeerden die niet of minder dan twaalf uur per week betaald werken, maar wel op zoek zijn naar (meer of ander) betaald werk en beschikbaar zijn voor de arbeidsmarkt.
De gepresenteerde waarden zijn medianen. De mediaan is de middelste waarde in een reeks getallen die van laag naar hoog is gerangschikt en verschilt daarmee van het gemiddelde.
Naast het mediane bruto-uurloon worden ook de volgende gegevens getoond: